Aberratie

oktober 18, 2009

'Media kunnen uw gezondheid ernstig schaden', waarschuwt de kaft van 'Media & Journalistiek in Vlaanderen kritisch doorgelicht'.

'Media & Journalistiek in Vlaanderen kritisch doorgelicht'.

Al enige dagen ben ik aan het lezen in Media & journalistiek in Vlaanderen kritisch doorgelicht (Uitgeverij Van Halewyck, 2009), een bundeling essays samengesteld door Johan Sanctorum en Frank Thevissen. Het is een interessant boek, verplichte literatuur eigenlijk voor al wie mediaconsument is, werkt in de media of anderszins bezig is met nieuwsgaring, duiding en opiniëring.

Sommige mensen zullen zich bij de boekenmarchand laten afschrikken door de naam en faam van bepaalde auteurs, zogenaamde rechtse ballen die vanuit hun verzuurde onderbuik voortdurend afgeven op het multiculturele, politiek correcte circus dat de pers elke dag probeert op te voeren. Dat is de notoire linkse rat Carl Devos, professor politicologie aan de Universiteit Gent, niet ontgaan bij het schrijven van het voorwoord van Media & journalistiek in Vlaanderen kritisch doorgelicht:

Bij het aanschouwen van de auteurslijst en de inhoudsopgave van voorliggend boek overviel me een wat onbehaaglijk gevoel, een lichte ongerustheid. Op het eerste gezicht doen de verzamelde auteurs, op enkele uitzonderingen na, denken aan een karavaan van naar rechts afhellende mopperpotten die een boek lang emmeren over de veel te linkse pers waarin ze zelf of hun gedachten onvoldoende aan bod komen. Of waarin hun carrière nooit gelopen is zoals verhoopt.

Daaraan koppelt Devos een intelligente draai waar menig Vlaams journalist én mediaconsument eens goed over mag nadenken:

De auteurs afschrijven is al te gemakkelijk en ontdoet hun teksten bovendien niet van relevantie. De ‘bezoedeling van de bron’ ontneemt de hoofdstukken van dit boek niet van alle waarheid of maakt ze niet onjuist. Wie kritiek hoog in het vaandel voert, moet het debat inhoudelijk voeren. En laat dat nu net zo moeilijk zijn als het over media en journalisten gaat.

Het meest relevante hoofdstuk – voor mij althans – is de bijdrage van blogger Luc Van Braekel. Van Braekel laat zijn licht schijnen over zijn eigen milieu, de blogosfeer. In zijn essay ‘Schiet niet op de burgerjournalist’ heeft hij het over de ‘officiële’ pers als centrumlinkse eenheidsworst, over de VRT als een rode burcht, over beroepsjournalisten als beschermde beroepsgroep met corporatistische reflexen, en hij doet dat met zinnige argumenten, feitelijke informatie en wetenschappelijk vergaard cijfermateriaal.

Van Braekel onderscheidt vervolgens drie taboe-onderwerpen in de pers:

  • De Europese integratie
  • Onze sociale zekerheid
  • Ontwikkelingshulp

“Redacties gaan er blijkbaar van uit dat rond deze onderwerpen een positieve maatschappelijke consensus bestaat, waarbij het onwenselijk is om die met kritische bedenkingen te verstoren”, schrijft de blogger, en mijn kleine teen eraf als hij geen punt heeft. Gelukkig, zo laat Van Braekel doorschemeren, zijn er nog bloggers.

Inderdaad, gelukkig. Ik kan er zelf van meespreken. Van Braekels essay is voor mij persoonlijk zo relevant om deze redenen:

  • Tijdens mijn driejarige carrière als eindredacteur bij De Morgen heb ik de politiek correcte kerk regelmatig zien preken. Eén voorval doet me zelfs spreken van politiek correct fascisme. Het ging erover dat het tv-spotje van Kasteelbier vrouwonvriendelijk was omdat het een vrouw toonde die haar man gehoorzaam een Kasteelbiertje kwam brengen. De Morgen trok naar Ingelmunster, zodat brouwer Luc Van Honsebrouck, een toen 76-jarige West-Vlaamse ondernemer, zich kon expliqueren. Als grote titel stond er boven het artikel: ‘De vrouw bedient haar man. Zo is het leven’. Dat móést er staan, want, zo zei de chef nieuws, hikkend van een vreemd soort contentement: “Die man is krankzinnig, lees nu eens wat die allemaal zegt! Die gelooft dat dus, hé! Die is gek, gewoon gek!” Bijzonder gênant als u het mij vraagt. Dat de vrouw van Van Honsebrouck in het stuk letterlijk zegt “Wij zijn van de oude tijd”, getuigt van veel meer verstand, doorzicht en zelfkennis dan het pseudoverontwaardigde gehik van die bepaald vooringenomen opererende chef nieuws.
  • Na mijn ontslag bij De Morgen ben ik zelf vol enthousiasme beginnen te bloggen. Enkele maanden in de blogosfeer hebben me al meer journalistieke voldoening geschonken dan drie jaar bij het voornoemde onafhankelijke dagblad. Onbetaald mijn eigen stukken op het net zwieren heeft me al meer opgeleverd dan betaald andermans stukken op een krantenpagina zetten. Zonder mensbrugghe.wordpress.com had ik me allicht mogen opmaken voor een carrière als strontraper achter de tram.
  • Sinds enkele dagen staat De Werktitel online, waarvan ik één van de trotse oprichters ben. De Werktitel is een blog die gemaakt wordt door ervaren beroepsjournalisten. Een nieuwssite zijn we niet, want nieuwssites verplichten zichzelf ertoe om zowat elke minuut met een nieuw nieuwtje op de proppen te komen om zodoende het Gevoel van Actualiteit te evoceren. Daar doen wij niet aan mee, omdat we eigen nieuws willen brengen en niet gewoon de vloedgolf aan feitjes van de persagentschappen willen overnemen (zie in dat verband ook het interview met Nick Davies). In die zin zijn we een experiment dat het midden houdt tussen een weblog en een krantenredactie. Ik vind dat wijs.

De Werktitel verenigt als het ware de twee kanten van het verhaal van Luc Van Braekel: burgerjournalistiek (want op eigen houtje, zonder gevestigd uitgeversbedrijf) en beroepsjournalistiek (want individueel erkend door de betreffende commissie). Zoals Van Braekel met enkele voorbeelden aantoont, is die titel van beroepsjournalist geen kwaliteitsmerk, geen waarborg op deontologische en correcte journalistiek.

Toch wijst Van Braekel sommige van zijn collega-bloggers met de vinger:

Op het internet, waar perfecte anonimiteit mogelijk is, kunnen anonieme bloggers andermans rechten schaden, bijvoorbeeld via laster, zonder dat zij ter verantwoording kunnen worden geroepen en zonder dat de lasterlijke inhoud verwijderd kan worden, bijvoorbeeld omdat de webserver zich in een land bevindt dat niet ingaat op gerechtelijke vorderingen.

Anderzijds doen online burgerjournalisten volgens de auteur veel beter aan bronvermerling dan traditionele media:

Bloggers verwijzen naar hun bronnen via hyperlinks, de geijkte manier om webpagina’s met andere webpagina’s te verbinden. Een betere en volledigere ‘bronvermelding’ is nauwelijks denkbaar. Kranten en tijdschriften daarentegen nemen het vaak niet zo nauw op met die bronvermelding. De wet op het auteursrecht staat een ‘citaatrecht’ toe, waarbij de bron zo volledig mogelijk dient te worden vermeld. Wanneer ik op mijn weblog een opmerkelijke uitspraak citeer die een politicus in één of ander interview deed, dan vermeld ik niet alleen de naam van de politicus en de naam van de publicatie, maar ook de datum en de naam van de interviewer. De krant De Tijd daarentegen vermeldt in haar dagelijkse citatenrubriek enkel de naam van de geïnterviewde en de naam van de publicatie, zonder vermelding van datum noch van de journalist die het interview afnam.

Een pagina verder schrijft Van Braekel zelfs over het soort journalistiek waar De Werktitel naar terug wil grijpen: “Decennialang baadde deze beroepscategorie in een mythische sfeer van onderzoeksjournalistiek en diepgravende duiding. [...] De beroepsjournalisten waren de hogepriesters van de waarheid, zo leek het wel.” Hoofdredacteur van De Werktitel Georges Timmerman heeft het daar expliciet over in zijn edito, Enthousiasme:

De belangrijkste taak van journalisten is nog altijd (te proberen) de waarheid te vertellen – en dus niet om zoveel mogelijk kranten te verkopen of zoveel mogelijk kijkers te halen. Dat die waarheid meestal verduiveld goed verborgen zit, achter een dikke sluier van mist, maakt de uitdaging alleen maar spannender.

Zowel Timmerman als Van Braekel, en elk vanuit hun eigen achtergrond, beschouwt het internet als een zegen voor de journalistiek. Timmerman omdat hij het gevoel heeft dat hij dankzij het internet verlost is van een al te zwaar commercieel juk, Van Braekel omdat hij ziet dat het internet het monopolie op informatie van een al te linkse beroepscategorie doorbroken heeft:

Vandaag kan iedereen publiceren, reageren, doorsturen en experimenteren. De journalistieke activiteit is niet langer een privilege. Het mediaoligopolie wordt uitgehold door een overvloed aan websites en weblogs, die zonder kosten en zonder beperkingen kunnen worden opgezet.

De situatie waarbij de bevolking was aangewezen “op een handvol kranten, één of twee tv-omroepen en enkele radiokanalen” was volgens Van Braekel een aberratie “veroorzaakt door materiële beperkingen, hoge investeringskosten, een hoge instapdrempel voor nieuwe initiatieven, maar vooral door de coporatistische mentaliteit van de journalistieke kaste”.

Dat De Werktitel op zijn blog expliciet aangeeft dat de medewerkers professionele journalisten zijn, moet echter niet in een corporatistisch daglicht gezien worden. Wij willen simpelweg aangeven dat de bijdragen op werktitel.be het resultaat zijn van journalistieke arbeid en dat De Werktitel géén forum is waarop mensen die toevallig beroepsjournalist zijn geheel vrijblijvend een soortement dagboek mogen bijhouden. Daarvoor kun je immers al terecht op de sites van traditionele media als De Standaard of de VRT.

Plots

oktober 17, 2009

Ik kan me niet herinneren dat ik op dit forum al iets gezegd heb over Plots Stripmagazine, en ik ben op deze mooie zaterdagochtend te lui om in mijn archieven te gaan graaien. Welnu, Plots Stripmagazine is een driemaandelijkse publicatie die beginnende striptalenten onder de aandacht probeert te brengen. Samen met Peter Moerenhout, ongetwijfeld een van de beste stripscenaristen van dit land, vorm ik er de redactie van.

Gisteren verliet Plots #11 de gebouwen van drukkerij New Goff. Om een beetje reclame te maken: het is alweer een mooie verzameling strips geworden waarin menig fraai getekend verhaal te bewonderen valt. De kostprijs bedraagt 7 euro, wat bijlange niet veel is voor 84 pagina’s strip. Dit is de cover, van de hand van een van de toptalenten van Plots, Ruben Accou:

De voorpagina van de elfde editie van Plots Stripmagazine.

De voorpagina van de elfde editie van Plots Stripmagazine.

Verder in Plots Stripmagazine ook: het colofon! Elke keer proberen we een mooi geformuleerde draai aan deze gewoonlijk bijzonder administratieve rubriek te geven, meestal met een inleidend verhaaltje dat verder geen belang heeft. Deze keer ging dat verhaal als volgt:

Pascal Moerenhout, rentenier van beroep, tikt met de steel van zijn pijp tegen het venster van zijn woonkamer. “Ziet ge, dit glas houdt het duister tegen. Een deel van het licht van de lampen van mijn luster straalt er knal doorheen en raakt zijn weg kwijt in de opkomende schemering, maar een ander deel, ge ziet het blinken, kaatst gewoon terug. Zo blijft het duister altijd buiten”, zegt Pascal.

“Tenzij ge de lampen van uw luster dooft”, reageert zijn copain Theofiel Van der Mensbrugghe, de oude apotheker van twee dorpen verder. “Dan sijpelt de duisternis gewoon binnen terwijl wij hier zitten porto te drinken in de schone zetels die ge van uw betreurde moeder hebt geërfd.”

“Maar waarom zouden we dat willen, m’n beste Theo? Waarom zou ik de duisternis hier toelaten?”

“Omdat ge dan beter beseft dat er zonder duisternis geen licht zou zijn”, probeert Theofiel zijn oude vriend duidelijk te maken.

“Maar ik wéét dat er slechts licht is dankzij de duisternis, want ik steek het aan als het mij hier te donker wordt.”

“Ge moet het mij niet uitleggen, Pascal. Als ik ’s nachts thuiskom en ik vind de schakelaar niet, loop ik overal tegen. Dan sta ik de volgende dag op met blauwe plekken van mijn kloten tot mijn enkels.”

Pascal tikt nogmaals tegen de ruit, voorzichtig, want zowel zijn pijpensteel als het glas voelen even broos als de oude botten in zijn handen. “Mijn vensterraam houdt ook de miserie tegen van de arme sukkelaars die tijdens de nacht op straat liggen te creperen.”

“De nacht is het enige deken dat zij toegeworpen krijgen. Zij, in haar hoedanigheid van schaduwzijde van deze planeet, verhult hun lijden aan onze waarneming.”

“Zo hun gekerm buiten blijft, beste Theo, zo zien zij wel hoe wij hier, in de schone zetels van mijn betreurde moeder, zitten porto te drinken.”

“Straalt ons geluk dan niet, samen met het warme licht van de lampen van uw luster, af op hun ellende?”

En dan, opeens, valt dat licht uit. In het duister zien Pascal, de oude rentenier, en Theofiel, de bejaarde apotheker, de verbazing in elkanders ogen niet. Even weten zij niet wat te zeggen.”Neen,” doorbreekt Pascal de stilte, “want ge moogt gij dan wel stellen dat het licht uitgevallen is en dat in mijn woonkamer dadelijk het donker is geslopen, de miserie van de arme sukkelaars die buiten op straat liggen te creperen is niet mee naar binnen gekomen.”

Theofiel heft ongezien zijn glaasje portwijn. “Die vaststelling, die wij hier zo plots gewaarworden terwijl het herfstweer onze gewrichten tergt, is een waarheid. Maar verkondig haar, en het zijn slechts zonderlingen die haar horen willen.”

“Ach, in de seniorenclub hier om de hoek zullen ze er wel oren naar hebben”, zucht Pascal.

Als het niet zo herfstig was, het zou verdorie bijkans een kerstverhaal zijn.

Luie zwam

oktober 16, 2009

De politieke redactie van De Morgen telt wéér een man minder: journalist Fabian Lefevere heeft de deuren van de Arduinkaai achter zich dichtgeschoven. Daardoor zal de krant nog meer dan nu al het geval is afhankelijk zijn van het persagentschap Belga om haar pagina’s gevuld te krijgen. Ondertussen heeft een nieuwe journalistieke website, werktitel.be, het licht gezien. De Werktitel profileert zich als onafhankelijk freelancecollectief en als journalistiek experiment dat uitsluitend met eigen nieuws wil uitpakken. Uw dienaar, tevens uw god en koning, is een van de initiatiefnemers.

Enkele weken geleden kreeg ik een bericht van mijn ex-bazin, Hadewych Van den Bossche. Hadewych is een crème van een madam en de beste bazin die er kan bestaan. Zolang ik voor De Morgen werkte, was het een eer om onder een chef eindredactie van haar kaliber te dienen.

Het bericht dat mevrouw Van den Bossche me had laten geworden, verscheen niet op het schermpje van m’n gsm, maar kwam me onder ogen als een reeds ietwat omkrullende post-it die gekleefd was op enige documenten van administratief belang. De inhoud was vintage Van den Bossche:

Tim!

Ge zijt een luie zwam, zowel op dit papier [de documenten van administratief belang] als op uw blog!

Uw immer liefhebbende ex-bazin, H

Het klopte dat ik al een hele tijd niet meer op mijn blog geschreven had. Dat klopte tot vlak vóór het verschijnen van dit bericht zelfs nog altijd. M’n laatste post is geleden van 7 september, toen ik een volkomen verzonnen verslag gepubliceerd heb van de pacifistische boerenbetoging in Gent. Daarvoor moeten we ondertussen al anderhalve maand teruggaan in de geschiedenis en inderdaad, in de ogen van de lezer kan het lijken alsof ik al die tijd op mijn leeg gat heb gezeten. Quod non: mijn bips wordt níét bedekt door een precambrische laag eelt.

De vakantie is voorbij – eindelijk. Sinds 1 oktober is het statuut van freelancejournalist mijn deel. Ik heb zelfs al enkele ereloonnota’s mogen opstellen en versturen, wat veel wijzer is dan een loonbrief ontvangen. Als je een keuze moet maken tussen schrijven om den brode en schrijven voor de hond zijn kloten, is schrijven om den brode soms de betere keuze, zeker als je honger hebt. Daardoor had ik minder tijd, energie en mentale ruimte om deze blog, die ik nog altijd koester en waar ik al meer aan te danken heb dan ik ooit had kunnen bevroeden, op bijna dagelijkse wijze te onderhouden.

Doordat ik minder op straat kwam, had ik ook gewoon minder materiaal om over te berichten. Met alle respect voor de vele bloggers die zowat elke dag iets geestigs, spits of treffends posten, maar in míjn achtertuin gebeurt er te weinig dat vermeldenswaardig is. Tot nu, dus.

Dat Fabian Lefevere zijn schup afkuist bij De Morgen is het vermelden waard. Daarmee wordt de leegloop op de politieke redactie weer een beetje completer. Laten we voor de duidelijkheid een lijstje maken. Dit zijn de mensen die nog overblijven:

  • Tine Peeters
  • Jeroen Verelst
  • Bart Eeckhout (chef)
  • Walter Pauli (politiek commentator)
  • Yves Desmet (politiek commentator)

Dit zijn de journalisten die uit onvrede over het collectief ontslag en het beleid van de hoofdredactie vertrokken zijn (in chronologische volgorde):

Ik wéét dat u kunt tellen, maar het blijft interessant om de cijfers eens zwart op wit neer te schrijven. Tegenwoordig bestaat de politieke redactie van De Morgen dus uit drie journalisten, aangevuld met twee politiek commentatoren. Het aantal vrijwillige vertrekkers uit de politieke redactie bedraagt zes journalisten. De vele interpretaties die op basis van die cijfers mogelijk zijn, laat ik graag aan uw bedrijvige geest over. Stuur ze gerust naar lezersbrieven@demorgen.be of zo.

Doch, genoeg over De Morgen, tijd voor iets nieuws: De Werktitel! Het freelancecollectief dat de nieuwe site bestiert, bestaat uit Tom Cochez, Jeroen de Preter, Georges Timmerman en ikzelf (allen ex-De Morgen, hoe toevallig is dat niet?), aangevuld met Bram Souffreau en Stijn Debrouwere. Ik zou u een hele uitleg kunnen geven over het soort journalistiek dat we willen brengen, maar ik verwijs u liever door naar ons allereerste artikel, een interview met Nick Davies, de auteur van het mediakritische boek Flat Earth News, en naar het enthousiaste edito van onze hoofdredacteur, Georges Timmerman.

Op Radio 1 heb ik gisteren al een woordje uitleg mogen geven, maar ik heb mezelf nog niet bezig kunnen horen omdat mijn internetconnectie weer van het paard de ballen is. Misschien hebt u meer geluk bij het herbeluisteren van Feiten en Fillet.

Ik werd door Koen Fillet gebeld naar aanleiding van m’n stuk op De Werktitel over de Oosterweelverbinding: ‘Gent koopt Lange Wapper over van Antwerpen’. Dat artikel is natuurlijk volledig verzonnen en als eerste woord stond er dan ook: [SATIRE]. Sommige lezers vonden zelfs dat dat er niet moest staan, maar daarop is mijn reactie: wij zéggen het tenminste als een artikel verzonnen is. Helmut Lotti weet wat ik bedoel.

Soit, de positieve respons op de lancering van De Werktitel doet deugd en voortaan weet u dus hoe het komt dat er op deze blog iets minder geschreven wordt: omdat ik bezig ben met die andere blog. Of we echt iets kunnen betekenen in het slagveld dat doorgaat als het medialandschap, valt nog te bezien. Maar als ik de bijdragen uit het boek Media & journalistiek in Vlaanderen kritisch doorgelicht van Johan Sanctorum en Frank Thevissen (reds.) mag geloven, kan de pers gerust een initiatief als het onze gebruiken.

Boeren van vroeger

september 7, 2009

GENT • Twee doden, vijf zwaargewonden en ruim 2,8 miljoen euro schade: het trieste resultaat van de boerenbetoging van zaterdag in de Gentse binnenstad. De landbouwers kwamen protesteren tegen de lage prijzen die ze voor hun producten krijgen en raakten collectief over de rooie. In een reactie op de rellen heeft supermarktketen Delhaize al aangekondigd een week lang groenten en fruit gratis mee te geven aan klanten: ‘Wat was er het eerst? De boer of de tomaat?’

De dag was nochtans rustig begonnen. Vanaf half elf ’s morgens namen tractors de Graslei en de Korenlei in. De agrariërs parkeerden hun voertuigen netjes naast of achter elkaar. In mum van tijd stond het pittoreske landschap vol felgekleurde machines. De boeren hadden die locatie gekozen omdat de oude haven van Gent in de middeleeuwen een belangrijke rol speelde in de handel in landbouwproducten. Daar werd toen de prijs voor patatten en tomaten bepaald. (Historische noot: de aardappel werd volgens Wikipedia pas in 1727 als voedsel erkend. Ook van de tomaat wist men pas in 1750 dat zij eetbaar was.)

Ook zaterdag ging het over de prijs van komkommer en selder, van prei en kool, van dunne lende en varkensspiering. De boeren vinden dat de supermarktketens op hun kap uitpakken met stuntprijzen. Dat wilden ze in zoveel woorden zeggen aan de shoppende consumenten. Neen, het was beslist niet de bedoeling om als wat los of vast zat kort en klein te slaan.

Allesvernietigende Boerenkrijg

Het Marriott Hotel aan de Korenlei, bekend van het spectaculaire interieur alsook van de onwettige destructie van beschermde huizen, was er alvast niet gerust op. Wij gaan vrijdagavond ons buitenterras afbreken”, zei een bezorgde Paul Suy, manager van het prestigeuze hotel, in de krant De Gentenaar. “Eén onruststoker kan voldoende zijn om de lont in het kruitvat te steken door met een buxusbol te gooien. We gaan er ook voor zorgen dat de deur afgesloten kan worden.” Suy viseerde in één adem ook de stad Gent: “Ik begrijp overigens niet goed dat die betoging hier wordt toegelaten. Als je weet dat ik onder geen beding parasols op een boordsteen buiten mocht zetten…”

Andere horecazaken in de omgeving lieten zich minder opjagen door de kwalijke reputatie van betogende boeren. Er werd niet meteen gevreesd voor een allesvernietigende Boerenkrijg. Hoogstens zou hun terras wat minder volk trekken omdat de tractors het uitzicht belemmerden. Quod non.

De gemoederen raakten een eerste maal verhit toen een groente-en-fruithandelaar uit de buurt ostentatief een bord voor zijn winkel zette: “Twee patatten kopen, drie gratis.” Een agrariër kroop terstond in zijn tractor om het bord ‘per ongeluk’ in frieten te rijden. Een collega vergoedde de schade door een zak patatten uit te gieten voor de voeten van de woedende winkelier. “Hier zie, mijnheer, en als ge wilt, kunt ge er nog een halve prei bij krijgen ook”, grapte de landbouwer.

“Laat maar, ik verkoop alleen maar groentsel uit Holland”, beet de handelaar terug, waarop drie boeren hem razende kwaad aanvlogen en hem verweten van “landverrader”, “platgekookte smeerlap” en “afgeborstelde stierenkloot”. Piet Vanthemsche, voorzitter van de Boerenbond, kwam als de bliksem tussenbeide en kon de belaagde middenstander ontzetten. “Vrienden, we zijn hier om een positieve boodschap over te brengen naar de consument toe. Laten we alstublieft ons verstand gebruiken en een goed signaal geven aan de maatschappij”, sprak hij de boeren streng toe.

Een paar tanden minder

Even keerde de rust weer en deelden de landbouwers stickers uit waarop stond: ‘Geen stuntprijzen op de kap van de boer.’ Iedere consument die passeerde, kreeg de boodschap op z’n revers geplakt. De agrariërs legden de mensen uit dat hun miserie allemaal de schuld van de supermarkten is. Opeens kregen enkele boeren iemand in het vizier die recht van zo’n supermarkt kwam: een man liep te zeulen met twee overvolle zakken van de Delhaize.

“Mijnheer, mogen wij u een stickertje geven?”, vroeg een boerin beleefd.

“Neen, dank u”, antwoordde de man.

“Het is voor een actie van de Belgische boeren. Wij worden uitgebuit door…”

“Ze moesten de landbouwsubsidies afschaffen. Als ik zou kunnen, ik zou alleen maar producten afkomstig van buiten de Europese Unie kopen.”

“Die subsidies zijn er vooral om de prijs voor de consumenten laag te…”

“Tututut, die subsidies van Europa dienen alleen maar om een irrelevante sector in leven te houden. En mag ik nu alstublieft voort stappen? Die zakken beginnen te wegen.”

“Allez, ge zoudt gij dus het liefst hebben dat wij hier allemaal van het OCMW gaan trekken?”

“Madam de boerin, ik zou het liefst hebben dat ge u een echte job zoekt. Gij zijt misschien geschikt om kuisvrouw te worden en uw vent zou beter eens gaan solliciteren bij Ivago. Een prettige middag verder.”

De vent van madam de boerin bleek het allemaal gehoord te hebben en aan zijn gezicht te zien speet het hem wreed hard dat hij zijn riek thuis laten liggen had. Zijn vuisten moesten maar volstaan om zijn eer te wreken. Alras lagen de Delhaizezakken op de grond en de arme consument ernaast. Bloedend, en met een paar tanden minder.

Piet Vanthemsche probeerde nogmaals om de rust te doen wederkeren maar het spel zat op wagen en geraakte er niet meer van. De bereden politie voerde inderhaast een charge uit maar vergat daarbij twee belangrijke dingen: 1. een boer is niet bang voor een paard en 2. een boze bende boeren in het nauw drijven is om problemen vragen. Enkele boeren grepen de voorpoten van de paarden vast, gaven er een snok aan en het duurde niet lang of menig paard ging tegen de vlakte. Eén politieman kwam daarbij ongelukkig ten val en blies ter plekke zijn laatste adem uit.

Krijsende dame

Ondertussen koelden de agrariërs hun woede op winkelruiten en stadsmeubilair. Daarbij kwam een hoop kasseistenen – een bijproduct van de werken aan de Korenmarkt – handig van pas. In al het tumult werden kinderen onder de voet gelopen, reden trams tegen elkaar op en brak er in verschillende panden brand uit. Onder ander café het Damberd, brasserie Du Progrès en de McDonald’s gingen in vlammen op. Daarbij raakte een vrouw over haar hele lichaam verbrand. Schuldbewuste boeren probeerden de vrouw te helpen en snelden met haar naar de Leie. Ze wierpen de kruisende dame in het water, waar ze ogenblikkelijk verdronk voor het oog van tientallen kijklustigen.

Terwijl de politie een ware veldslag uitvocht met de ontketende landbouwers, kwam een helikopter klanten van het Marriott Hotel ontzetten. Van op het dak van het hotel werd hen een vluchtroute aangeboden naar het veilige Brugge, allemaal op kosten van de hotelketen. Ternauwernood werd een bijkomende ramp vermeden, want in zijn haast om op te stijgen was de piloot de helikopter van de politie uit het oog verloren. De twee tuigen konden elkaar slechts nipt ontwijken en de ontgoocheling op het gelaat van de boeren was dan ook groot.

Pas tegen de avond keerde de rust enigszins weer. De schade op de Korenmarkt viel niet te overzien. Van de vijf zwaargewonden is nog één iemand in levensgevaar. De schade wordt voorlopig geraamd op bijna 3 miljoen euro, maar dat kan nog oplopen omdat boeren ongemerkt het waterleidingstelsel gesaboteerd zouden hebben. Burgemeester Daniël Termont kondigde alvast de vijfde fase van het rampenplan af en zei voor de verzamelde pers: “Kent ge het spreekwoord: van een boer kunt ge een Gentenaar maken, maar van een Gentenaar nooit een boer? Awel, ik moet u zeggen dat ik ervan overtuigd ben dat ge van de boeren van tegenwoordig nooit geen Gentenaars meer kunt maken.”

Laf terrorisme

Ook in de distributiesector was het ongenoegen over de agressieve agrariërs bijzonder groot. “Wij aanvaarden dit niet”, zegt een woordvoerder van supermarktketen Delhaize. “Dit zet ons aan het denken over het assortiment groente en fruit dat wij voortaan zullen aanbieden. Wij hadden gedacht dat de tijd van de boze boeren van vroeger achter ons lag, maar blijkbaar schrikken ook de landbouwers van deze tijden niet terug voor laf terrorisme. Want dat is wat het is.”

Delhaize probeert de consumenten voor zich te winnen met een opmerkelijke promoactie: “Gedurende één week krijgt de klant elke dag vijf producten uit ons gamma groente en fruit voor niets. Wij hadden deze actie voor later deze maand gepland, maar door de rellen van zaterdag hebben we haar twee weken vervroegd. Ons bedrijf draagt de boodschap uit dat voedselproducten ten dienste staan van de consument en niet van de landbouw. Bij de Boerenbond moeten ze zich dringend eens afvragen wat er het eerst was: de boer of de tomaat.”

In een officieel communiqué stelt de Boerenbond de rellen te betreuren, maar niet onlogisch te vinden. “De land- en tuinbouwers zijn al lang genoeg gekloot. Als de druk te groot wordt, is een uitlaatklep nodig en de consument heeft kunnen zien dat de druk echt wel zéér groot is. In plaats van de boeren nu nog eens extra te vernederen met een gratis-actie zouden supermarkten als Delhaize hun best moeten doen om producten van eigen bodem te promoten én te prijzen als luxeproducten.” (TVDM)

Wilde boerendochters gooien brandbommen van op de tractor van hun vader.

Wilde boerendochters gooien brandbommen van op de tractor van hun vader.

De banden van een tractor vermorzelen de onderbenen van een politieagent.

De banden van een tractor vermorzelen de onderbenen van een politieagent.

Boeren palmen met hun tractors de middeleeuwse haven van Gent in.

Boeren palmen met hun tractors de middeleeuwse haven van Gent in.

Een boer staat klaar om duizenden liters niet-gepasteuriseerde melk in de Leie te lozen.

Een boer staat klaar om duizenden liters niet-gepasteuriseerde melk in de Leie te lozen.

Om hun boodschap te verspreiden gebruiken de boeren een typografie en kleurgebruik die duidelijk refereren aan de nationaal-socialistische propaganda van weleer.

Om hun boodschap te verspreiden gebruiken de boeren een typografie en kleurgebruik die duidelijk refereren aan de nationaal-socialistische propaganda van weleer.

Hele horden toeristen nemen hun toevlucht tot de Bootjes van Gent om uit de klauwen van de boeren te blijven.

Hele horden toeristen nemen hun toevlucht tot de Bootjes van Gent om uit de klauwen van de boeren te blijven.

Onder een dreigende hemel staan honderden woeste landbouwers klaar om het systeem de wacht aan te zeggen.

Onder een dreigende hemel staan honderden woeste landbouwers klaar om het systeem de wacht aan te zeggen.

Bozen boeren rijden met hun tractors een combi van de flikken klem.

Bozen boeren rijden met hun tractors een combi van de flikken klem.

Agrariërs die kunnen lassen, hebben hun tractors omgebouwd tot gepantserde tanks waarmee ze inrijden op groepen shoppende consumenten.

Agrariërs die kunnen lassen, hebben hun tractors omgebouwd tot gepantserde tanks waarmee ze inrijden op groepen shoppende consumenten.

Met hun riek in de aanslag drijven boeren Japanse toeristen in de Leie.

Met hun riek in de aanslag drijven boeren Japanse toeristen in de Leie.

De politiehelikopter ontwijkt nipt het hefschroefvliegtuig waarmee het Marriott Hotel toeristen in veiligheid probeert te brengen.

De politiehelikopter ontwijkt nipt het hefschroefvliegtuig waarmee het Marriott Hotel toeristen in veiligheid probeert te brengen.

Woedende boeren trekken een spoor van vernieling door de schone Gentse binnenstad.

Woedende boeren trekken een spoor van vernieling door de schone Gentse binnenstad.

Een eskader flikken wordt ingesloten door razende landbouwers. Het is uiteindelijk burgemeester Termont zelf die tussenbeide moet komen.

Een eskader flikken wordt ingesloten door razende landbouwers. Het is uiteindelijk burgemeester Termont zelf die tussenbeide moet komen.

Aan de Graslei gaan verschillende historische gebouwen in vlammen op. 'Een verschrikkelijke ramp', zuchten geschiedkundigen.

Aan de Graslei gaan verschillende historische gebouwen in vlammen op. 'Een verschrikkelijke ramp', zuchten geschiedkundigen.

Piet Vanthemsche, voorzitter van de Boerenbond, spreekt de menigte toe. Met zijn retorische talent kan hij zijn achterban even bedaren, maar vijf minuten later zit het spel alweer op de wagen.

Piet Vanthemsche, voorzitter van de Boerenbond, spreekt de menigte toe. Met zijn retorische talent kan hij zijn achterban even bedaren, maar vijf minuten later zit het spel alweer op de wagen.

Boerenbondvoorzitter Piet Vanthemsche vermijdt dat onschuldige consumenten doorboord worden door roestige rieken.

Boerenbondvoorzitter Piet Vanthemsche vermijdt dat onschuldige consumenten doorboord worden door roestige rieken.

In alle tumult vergat iedereen even wat de echt grote problemen van deze tijd zijn. In die zin zijn gewelddadige boerenbetogingen een vorm van escapisme.

In alle tumult vergat iedereen even wat de echt grote problemen van deze tijd zijn. In die zin zijn gewelddadige boerenbetogingen een vorm van escapisme.

Onfeilbaar

september 5, 2009

Ik ben geen fan van blogs waarop de auteur handenwringend zijn twijfels deelt met zijn publiek.

Twijfelaars zijn slechte mensen, nog slechter dan Joden, negers en roodharigen.

Een beslissing moet snel worden genomen, het liefst op basis van een minimum aan feiten en een maximum aan instinct. Achteraf is er dan nog tijd genoeg om te evalueren of je wel de juiste beslissing hebt genomen en of je niet al te voortvarend bent geweest. Als die evaluatie inderdaad negatief is, zit er niet veel anders op dan daarmee te leren leven en te erkennen dat onfeilbaarheid niet je deel is.

Ik schrijf het maar omdat ik nog altijd in m’n maag zit met dat nieuws over het vertrek van politiek journalist Filip Rogiers bij De Morgen. Zijn naaste collega’s hadden liever gezien dat ik nog wat gezwegen had en ik slaag er maar niet in om hen ongelijk geven.

Mijn argument dat de geest al uit de fles was, gaat echter ook nog altijd op. Als de hele redactie van een concurrerende krant weet dat de heer Rogiers het afbolt, zou het naïef zijn om te denken dat zij braafjes hun muil zullen houden en het nieuws niet verder zullen verspreiden.

Alleen is publicatie op een blog nog iets anders dan verspreiding van mond tot mond, of van sms tot sms. Een blog is een publiek forum waarlangs berichtgeving sneller en grootschaliger gebeurt. Het nieuws lijkt harder en definitiever. Voorts kun je je ook de vraag stellen in hoeverre de redactie van een andere krant de buitenwereld is. Ja, het nieuws was al buiten het petit comité geraakt, maar de ‘massa’ wist nog van geen kloten. Delicate materie.

Het voordeel dat snelle beslissers hebben, is dat zij niet geplaagd worden door dilemma’s. Zij verspillen geen uren van hun leven aan complexe afwegingen pro en contra. Je beslist en je legt je daarbij neer. Daarbij kun je met een blog gemakkelijk aan geschiedvervalsing doen als je beseft dat je mogelijks een kemel hebt geschoten. Ik had de  post over de heer Rogiers definitief kunnen verwijderen en verder van niets kunnen gebaren. Mijn naam is haas en mijn baas was een blaas.

Eén klik op een knopje en ik had me niet langer moeten afvragen: “Van der Mensbrugghe, zijt ge niet een beetje te snel geweest met Filip als de vierde kaarter te bestempelen? Wat hebt ge daarmee willen bewijzen? Zo’n fantastische mens die u altijd gerespecteerd en geboeid heeft, en gij smijt zijn wedervaren zomaar op uw blog. Woudt ge weer den eersten zijn om met nieuws uit te pakken? Hadt ge niet gewoon nog een dag of drie kunnen wachten?”

Ik heb besloten om het bericht toch te laten staan. Als ik fout zat en wel degelijk te vroeg heb geschoten, is dat thans voor iedereen zichtbaar. En dan is eens te meer bewezen dat bloggers, of ze nu anoniem opereren of niet, beter tweemaal nadenken voor ze onthullingen in de openbaarheid zwieren.

De vierde man

september 4, 2009

De jongens van Radio Plasky zijn visionaire lieden dan wel overtuigende adviseurs. Een kleine maand geleden, laat ons zeggen 9 augustus 2009, gaven zij Filip Rogiers, lid van de steeds kleiner wordende politieke redactie van De Morgen, de goede raad om tijdens zijn verlof eens goed na te denken over zijn professionele toekomst. We citeren het bericht van Emile Plasky, de meest verzuurde van de sarcastische gebroeders:

“[Wij] vinden dat hij [Filip Rogiers] op vakantie eerst en vooral goed moet uitrusten, en zich dan de vraag moet stellen: wil ik nog wel terug naar De Morgen?”

Vandaag heeft ons het bericht bereikt dat de heer Rogiers een antwoord heeft gevonden op die vraag. Liesbeth Van Impe, Gorik Van Holen en Ruud Goossens kunnen bij deze eindelijk hun kaartspel bovenhalen.

Sterkte en succes, Filip! Ze zullen je missen bij De Morgen, en niet alleen vanwege je journalistieke talenten.

[NOOT: Dit bericht heb ik tamelijk snel na publicatie gedurende enkele uren offline gehaald. Directe aanleiding waren reacties van naaste collega's van de heer Rogiers. Er werd me gemeld dat mijn timing bijzonder ongelukkig was en dat ik de heer Rogiers de kans had moeten geven om zijn vertrek zelf wereldkundig te maken, zodat hij zijn verhaal correct en volledig kon weergeven. Die opmerkingen waren niet ongegrond. Ik heb mezelf enkele uren de tijd gegund om erover na te denken en heb beslist dat publicatie van dit nieuws toch gerechtvaardigd was. Het vertrek van de heer Rogiers was en petit comité al genoegzaam bekend en zolang het binnen die kring bleef, heb ik er mijn muil over gehouden. Pas toen duidelijk bleek dat het nieuws out in the open de ronde deed – mensen van een andere krant die geen enkel contact hebben met de heer Rogiers brachten mij per sms op de hoogte van iets dat ik zelf al een maand wist – heb ik besloten om erover te schrijven. Met of zonder mijn blog: de buitenwereld wíst welk antwoord de heer Rogiers geformuleerd had op de directe vraag van de heer Plasky. Ik hoop dat dat voor iedereen duidelijk is.]

De Moord

september 1, 2009

Tim Janssens, documentalist bij De Morgen alsook verkozen lid van de personeelsvertegenwoordiging, houdt het voor bekeken. Zijn collega Dirk Steenhaut haalt wekenlange pesterijen aan als voornaamste reden voor zijn vertrek.

Half mei raakten de namen bekend van degenen die De Morgen collectief en ogenblikkelijk mochten verlaten. Meteen sprak Bert Bultinck, kopstuk van de personeelsdelegatie én medeslachtoffer van de wrekende hamer van het journalistieke curiosum Klaus Van Isacker, van een afrekening, precies omdat zoveel leden van de personeelsdelegatie buiten gewerkt werden. Hun gezichten ziet u op deze foto.

Ondertussen heeft de heer Bultinck onderdak gevonden bij De Standaard, en wel als chef opinie. Inderdaad, dezelfde functie die hij bij De Morgen uitoefende maar waarvoor de heer Van Isacker hem niet geschikt achtte. Ook Hans Vandeweghe, een van de opstellers van het alternatieve financiële plan voor De Morgen, werd na zijn ontslag binnengehaald door Corelio. Daarmee zijn zij in ieder geval beter af dan het deel van de personeelsdelegatie dat niet moest opstappen.

Met name Dirk Steenhaut, naast excellent muziekjournalist een vakbondsman van het taaie soort, mocht incasseren. De heer Steenhaut kreeg deze zomer te horen dat hij zijn taalkundige talenten voortaan mag gaan botvieren op de eindredactie en dat hij de lezer niet langer moet lastigvallen met recensies van groepen waar niemand al van gehoord heeft. “En daarbij, van iedereen wordt in deze tijden een beetje flexibiliteit verwacht en je hebt toch geen meerwaarde meer voor deze krant”, kreeg de heer Steenhaut zowat letterlijk te horen van zijn hoofdredactie.

Ook een ander lid van de personeelsvertegenwoordiging, Tim Jansens, had het voorgoed verkorven bij de hoofdredactie. De heer Jansens was documentalist, maar werd eind juni zonder boe of ba overgeplaatst naar de fotoredactie. De documentatiedienst zelf werd simpelweg ontbonden, want het verleden, pfff, daar is toch niemand in geïnteresseerd. De heer Jansens heeft toen zelf uitdrukkelijk verzocht zijn lotgenoten uit de openbaarheid te houden om zijn functioneren bij De Morgen niet nog moeilijker te maken. Vandaag blijkt er van zijn functioneren echter geen sprake meer te zijn. Op Facebook postte de heer Steenhaut immers het volgende bericht:

Dirk Steenhaut brengt hulde aan collega Tim Jansens, documentalist en personeelsvertegenwoordiger bij De Morgen, die na enkele weken van pesterijen, vanaf vandaag de eer aan zichzelf houdt. En zo zal de droom van de hoofdredactie -een vakbondsvrij bedrijf- binnenkort toch nog uitkomen.

Ge houdt het niet voor mogelijk, maar de heer Van Isacker en zijn strijdmakker Bart Van Doorne zijn De Morgen werkelijk aan het kraken. Door de inmiddels Spartaanse werkdruk – elke zomer is het spartelen, maar deze keer was het met nog eens bijna twintig man minder – is het personeel te murw om zelfs maar actie te kunnen voeren voor de eigen vakbondsmensen.

Daaruit blijkt dat de heer Van Isacker een profeet is. Bij zijn aantreden, warempel al ruim twee jaar geleden, zei hij immers dat hij niet gelooft in het DNA van De Morgen. Als hij zo blijft tekeergaan tegenover zijn eigen redactie, zullen we op een blauwe maandag inderdaad moeten erkennen dat het DNA van De Morgen niet (meer) bestaat.

Mismanagement

augustus 26, 2009

‘Het probleem bij De Morgen is dat de top die nu de basis aanstuurt, nooit serieus met krantenjournalistiek is bezig geweest.’ Dat zegt Hans Vandeweghe, volgens vriend en vijand een van de beste sportjournalisten van het land, in een interview in Tribune, het ledenblad van de socialistische bediendenbond ACOD. Half mei werd de heer Vandeweghe samen met twaalf anderen ontslagen bij De Morgen. Vanaf 1 september gaat hij aan de slag voor Corelio, de grote rivaal van De Persgroep.

Als chef sport werd Hans Vandeweghe gevreesd wegens zijn vlijmscherpe pen. Ook op de redactie zelf voelde de heer Vandeweghe zich nooit te beroerd om zijn ongezouten mening te geven. “Had ik gewild, dan had ik misschien bij De Morgen kunnen blijven”, zegt hij in het nummer van Tribune dat in september verschijnt. “Maar ik ben gewoon het te zeggen wanneer iets op m’n lever ligt. Vroeger was dat mogelijk bij De Morgen, nu niet meer.”

Het collectief ontslag bij De Morgen was officieel noodzakelijk vanwege de slechte economische omstandigheden.  Tijdens de onderhandelingen over dat collectief ontslag maakte de heer Vandeweghe deel uit van de personeelsdelegatie. Ook op de Sheratondebatten, waar leden van de vakbond en de redactieraad hun alternatieve financiële plan aan de directie probeerden te verkopen, was de heer Vandeweghe aanwezig. Samen met economieredacteur Johan Corthouts had hij de financiële toestand van De Morgen onder de loep genomen, en wat hij zag, was niet proper. ”Pas vorig jaar werd echt duidelijk dat er ernstig foute keuzes werden gemaakt bij De Morgen. [...] De Morgen was altijd een gezonde krant geweest, maar de voorbije twee jaren draaiden we met een verlies. De kosten waren plots met 6 miljoen euro gestegen op een budget van 30 miljoen euro.”

De heer Vandeweghe is er nog altijd van overtuigd dat slechts twee mensen verantwoordelijk zijn voor dat verlies: algemeen hoofdredacteur Klaus Van Isacker en hoofdredacteur Bart Van Doorne. Enerzijds haalt de heer Vandeweghe de dure promotiecampagnes en de goedkope abonnementen aan als “overinvestering met onvoldoende opbrengst”, en anderzijds wijst hij op de vele chefs die de heer Van Isacker en de heer Van Doorne binnenhaalden als buffer tussen hen en de redactie. “Het waren de nieuwkomers, het Mexicaans leger dat ontstond rond Van Isacker en Van Doorne, die een enorme meerkost betekenden. Om een voorbeeldje te geven. Enkele jaren terug had ik het vijfde hoogste salaris bij De Morgen. Toen ik tijdens het sociaal  conflict  de  loonschalen  inkeek, merkte ik dat ik niet langer in de top 25 stond. Dat wil zeggen dat er sinds de intrede van de nieuwe directie meer dan 20 personen over mijn loon waren gesprongen – en ik werd al niet slecht betaald. [...] Ik heb daar maar één woord voor: mismanagement!”

In Tribune probeert de heer Vandeweghe ook te verklaren waarom zijn voormalige bazen zich zo nodig moesten omringen met een legertje jaknikkers (míjn woorden): “Het probleem is dat zowel Van Isacker als Van Doorne uit de televisiewereld komen. Ze hebben totaal geen voeling met De Morgen, die ze steeds als elitaire krant beschouwden. Zoiets zorgt onvermijdelijk voor wrijvingen met het personeel. Er was een manifest gebrek aan vertrouwen tussen directie en hoofdredactie enerzijds en personeel anderzijds.”

De wrijvingen tussen de top en de basis zijn volgens de heer Vandeweghe vooral het gevolg van een compleet andere benadering van journalistiek. “De Morgen werd vanouds bottom-up  gemaakt.  [...] De nieuwe directie en hoofdredactie is afkomstig van  het VTM-nieuws. Zij zijn gewoon te reageren op nieuws, in plaats van het zelf te maken. Zij bepalen dus ook graag zelf wat het nieuws is en wie het zal brengen en op welke manier. Dat is een top-down manier van werken. De laatste jaren ontstond er bij De Morgen een cultuur waarin enkel volgzame journalisten interessante brokjes nieuws toegeworpen kregen”, analyseert de heer Vandeweghe in Tribune. “Probleem bij De Morgen is dat de top die nu de basis aanstuurt, nooit serieus met krantenjournalistiek is bezig geweest. En om dat te compenseren worden via hoge lonen en bonussen steeds maar extra mensen aangetrokken om de top te versterken en geliefd te maken bij de redactie. Tja, zo creëer je natuurlijk een heel duur Mexicaans leger.”

De heer Vandeweghe zelf is er beslist de man niet naar om mee te stappen in zo’n Mexicaans leger. Op twee manieren stak hij de heer Van Isacker en diens entourage spaken in de wielen: enerzijds door zich te engageren voor de personeelsvertegenwoordiging en anderzijds door de vtm-boys haast onverbloemd aan te vallen in zijn columns. De meest beruchte pennenvrucht van de voormalige chef sport is zijn column over de Dakarrally van 2008. Toen hij de volgende zin schreef, vertelde hij er nét niet bij dat ook de heer Van Isacker in 1996 met een 4×4 over het Afrikaanse continent gehobbeld kwam:

Sinds halfweg de jaren negentig vaardigen wij als enige land hele horden BV’s, pseudo-vedetten en VT-emmers af.

Om zichzelf helemáál onmogelijk te maken bij de hoofdredactie liet de heer Vandeweghe zich ook uit over de redactionele lijn van zijn toenmalige krant:

De Dakar staat op het DNA van De Morgen als een tang op een varken.

Maar zelfs als de heer Vandeweghe zijn geplaagde algemeen hoofdredacteur niet rechtstreeks aanviel in zijn columns, dan nog wekte zijn schrijfstijl wrevel op. Zo kon de heer Van Isacker het niet laten om zijn chef sport openlijk te berispen nadat die gespot had met de bijnaam van de voetballer Ricardo Izecson dos Santos Leite: Kaká. In zijn ‘daily mail’ van 17 januari 2009 schreef de heer Van Isacker immers voor al die het wou lezen:

En Kakà met stront vergelijken is 1) cheap, 2) makkelijk, 3) een kwaliteitskrant – en dus De Morgen – onwaardig.

Dat de heer Vandeweghe, met al zijn renommee en expertise, ook nog eens vakbondsman was, bleek een reden te meer om hem buiten te schoppen. Vakbondslieden zijn immers niet geliefd bij de hoofdredactie van De Morgen. Naast Hans Vandeweghe moesten ook de syndicalisten Jan De Haese en Georges Timmerman het aftrappen. Samen met toenmalig chef opinie Bert Bultinck, die als voorzitter van de redactieraad op de voorgrond trad, behoorde niet minder dan een derde van de ontslagen werknemers tot de personeelsdelegatie.

De schaarse vakbondslui die nu nog overblijven op De Morgen worden getolereerd zolang zij hun muil niet opentrekken. De anderen voelen zich langzaam maar zeker richting uitgang gestampt. Het markantste voorbeeld is Dirk Steenhaut, een van de zeldzame muziekjournalisten die zowel door zijn publiek áls door muzikanten gerespecteerd wordt. Begin juli al ondernam de hoofdredactie een poging om Dirk Steenhaut te verbannen naar de sterfput van de eindredactie. Dat ging toen niet door, onder andere omdat de directie van De Persgroep Publishing verveeld zat met de situatie.

Dat de heer Van Isacker zijn willetje niet kon doordrukken, betekende zeker en vast gezichtsverlies voor de algemeen hoofdredacteur. Maar, zo dacht de vtm-boy in een zeldzame bui van voluntarisme, uitstel is geen afstel. Twee weken later was op de Facebookpagina van de heer Steenhaut namelijk het volgende te lezen:

Dirk Steenhaut heeft tijdens zijn eerste vakantiedag van zijn hoofdredacteur een telefonische oorlogsverklaring mogen ontvangen. De Morgen, anno 2009: sommige mensen houden er hoogst eigenaardige fatsoensregels op na.

Terwijl de belaagde muziekjournalist probeerde te genieten van de rest van zijn vakantie, ontving hij op de koop toe een aangetekend schrijven waarin stond dat hij op zijn eerste nieuwe werkdag alsnog verwacht werd op de eindredactie, die wegens drie ontslagen in mei zwaar onderbemand is. En in tijden van crisis wordt van iedereen een beetje flexibiliteit verwacht, nietwaar?

Hans Vandeweghe gebruikt in Tribune een mooi woord voor dat soort toestanden: mismanagement.

Tribune is het ledenblad van de socialistsche bediendenbond ACOD. Het interview met Hans Vandeweghe, vanaf volgende week werkzaam bij De Standaard/Het Nieuwsblad, verschijnt in september.

Fatsoen

augustus 19, 2009

In een niet zo heel ver verleden, we schrijven enkele dagen geleden, vonden in Gent de Patersholfeesten plaats. Hoewel zij het kleine broertje zijn van de Gentse Feesten en slechts drie dagen duren, zijn zij feitelijk veel plezanter. Toeristen zwalpen er u niet voor de voeten en meestal valt er geen flik te bespeuren. Al wie tijdens de Grote Feesten tot de vaste klandizie van de Vlasmarkt behoorde, geeft wél opnieuw present. De Patersholfeesten zijn ook de enige gelegenheid waarop je een Gentenaar hoort zeggen dat hij in het schoonste dorp van heel de wereld woont. Even, héél even is Gent geen stad meer.

“De Gentse Feesten voor gevorderden”, stond drie jaar geleden boven een artikel van me in de krant De Morgen. Het was een van mijn laatste geschreven wapenfeiten voor die krant, maar ik had maar mooi een bijna volledige pagina gekregen om de loftrompet af te steken over de buurt waar ik toen nog woonachtig was.

Dat artikel van 14 augustus 2006 zorgt ervoor dat ik vandaag niet veel zin meer heb om nog eens hetzelfde te doen. Ik héb al gezegd dat het middeleeuwse Patershol een dorp is binnen een moderne grootstad en dat iedereen er iedereen kent. En dat dat wreed wijs is. Ik héb er de lezers al op gewezen dat elke vergelijking tussen het Patershol en Brugge onecht is, want het Patershol lééft tenminste, zelfs al is het de meest toeristische buurt van Gent.

Oei, en nu krijg ik geheid Brugs burgemeester Patrick Moenaert op mijn dak. Die vindt het sowieso niet kunnen dat Gent zich in een reclamecampagne aanprijst als authentieker dan Brugge:

Die campagne is beledigend voor Brugge. Ik vind het totaal ongepast om een zusterstad aan te vallen om jezelf in het zonnetje te zetten. De bewering is een torenhoog cliché en ze komt van iemand die de voorbije vijftien jaar niet in Brugge is geweest.

Met die ‘iemand’ haalt Moenaert uit naar zijn ambtgenoot Daniël Termont. De Gentse burgemeester was natuurlijk niet onder de indruk en gaf de (officiële) West-Vlaamse hoofdstad in de krant De Gentenaar zelfs een bemoedigend slash beledigend schouderklopje:

Ik ben al zo vaak in Brugge geweest. Het is een aangenaam stadje en een formidabel openluchtmuseum, maar Gent is een stad waarin ook geleefd wordt.

De hele heisa deed herinneringen opborrelen aan de Slag op het Beverhoutsveld. Daar, op de grens van Beernem, Oostkamp en Assebroek, hakten de stedelijke Gentenaars op 3 mei 1382 de boerse Bruggelingen in de pan. Een strijdvaardige Termont wil die truc anno 2009 gerust nog eens overdoen:

De Bruggelingen moeten geen nieuw leger sturen, want zij zullen opnieuw het onderspit delven.

Zeker als het Gentse leger aangevoerd wordt door onze inheemse Turken! Dat zij er niet naast kloppen, werd nog eens bevestigd op de Patersholfeesten. Terwijl iedereen zaterdagnacht op zijn gemak op straat stond te zuipen, probeerden enkele Turkse Gentenaars hun vuisten in elkanders gezicht te zwieren. De slagen vlogen mij en mijn maten letterlijk om de oren.

Nu heb ik veel eerbied voor het Turkse volk. Het zijn edele mannen en vrouwen die voortreffelijke maaltijden uit hun mouwen schudden. Ten tijde van het Ottomaanse Rijk waren ze zeshonderd jaar lang een wereldmacht waartegen ge maar beter beleefd bleeft. Ook nu is er economisch en strategisch gezien een en ander voor te zeggen om Turkije op te nemen in de Europese Unie. Maar astemblieft, jongens, als ge wilt drinken gelijk dat wij hier gewoon zijn, werk dan eerst nog wat aan uw zelfbeheersing. Het is belangrijk om te allen tijde het fatsoen te bewaren, zelfs als ge stiepelzat door de straten dwaalt, niet meer wetende van welke parochie ge zijt. Volgend jaar herexamen.

Tijdens de Patersholfeesten kunt ge tot een gat in de nacht schoenen kopen in Oudburg.

Tijdens de Patersholfeesten kunt ge tot een gat in de nacht schoenen kopen in Oudburg.

Dansen op de kasseien lukt niet altijd als ge zat zijt, maar de momenten dat ge op uw benen blijft staan, zijn wreed plezant.

Dansen op de kasseien lukt niet altijd als ge zat zijt, maar de momenten dat ge op uw benen blijft staan, zijn wreed plezant.

Op de Patersholfeesten gaan sommigen gekleed in een outfit waarmee ge niet in bepaalde achterbuurten moet gaan paraderen.

Op de Patersholfeesten gaan sommigen gekleed in een outfit waarmee ge niet in bepaalde achterbuurten moet gaan paraderen.

Pieter, een autochtone Vlaming, en Nima, een Gentenaar met Iraans bloed in de aderen, discussiëren over gezichtsbeharing. 'Ik ben jaloers op uw baard, Pieter. Als ik mezelf zo'n joekel laat staan gelijk gij, denkt iedereen subiet dat ik een moslimterrorist ben. Terwijl ik niet eens gelóóf.'

Pieter, een autochtone Vlaming, en Nima, een Gentenaar met Iraans bloed in de aderen, discussiëren over gezichtsbeharing. 'Ik ben jaloers op uw baard, Pieter. Als ik mezelf zo'n joekel laat staan gelijk gij, denkt iedereen subiet dat ik een moslimterrorist ben. Terwijl ik niet eens gelóóf.' Nima, laat hem staan.

De Ouwe Volkszanger zingt een melodietje met verzen waar iedereen het raden naar heeft.

De Ouwe Volkszanger zingt een melodietje met verzen waar iedereen het raden naar heeft.

Nima zet een pokerface op terwijl de Ouwe Volkszanger in zijn oor staat te brullen en bewijst daarmee dat verdraagzaamheid van twéé kanten komt.Nima zet een pokerface op terwijl de Ouwe Volkszanger in zijn oor staat te brullen. Hij bewijst daarmee dat verdraagzaamheid van twéé kanten komt.
Niels aanhoort het baardprobleem van Nima. 'Ach, ge moet u daar niets van aantrekken, Nima. Ik laat toch ook een baard staan?' Even later moet Niels wel tot het uiterste gaan om zijn zelfbeheersing te bewaren als de fotograaf van dienst hem per ongeluk een 'neger' noemt. 'Ach, Niels, ge moet u daar niets van aantrekken. Ik ben toch ook een allochtoon?'

Niels aanhoort het baardprobleem van Nima. 'Ach, ge moet u daar niets van aantrekken, Nima. Ik laat toch ook een baard staan?' Even later moet Niels wel tot het uiterste gaan om zijn zelfbeheersing te bewaren als de fotograaf van dienst hem per ongeluk een 'neger' noemt. 'Ach, Niels, ge moet u daar niets van aantrekken. Ik ben toch ook een allochtoon?', zegt Nima troostend.

Koning David, die geen geheim maakt van zijn Joodse inborst, zit opgesloten in een kooi. 'Maar als ik hier uit geraak, zal ik zegevieren en een leider zijn voor u allen.'

Koning David, die geen geheim maakt van zijn Joodse inborst, zit opgesloten in een kooi. 'Maar als ik hier uit geraak, zal ik zegevieren en een leider zijn voor u allen.'

De Patersholfeesten zijn gedaan. Uw dienaar, tevens uw god en koning, wandelt naar huis en hoopt dat het volgend jaar even plezant zal zijn.

De Patersholfeesten zijn gedaan. Uw dienaar, tevens uw god en koning, wandelt naar huis en hoopt dat het volgend jaar even plezant zal zijn.

Terwijl wij in het Patershol genoten van vele pilsjes is 't Begin van 't Einde, de enige bruine kroeg van de Vlasmarkt, uitgebrand. Vaarwel schone lampedeirkes op den toog, vaarwel levensgevaarlijke houten wenteltrap, vaarwel gezellige donkerte. En het ergste is: er op nog geen kilometer van staan met fotocamera en al en niets gemerkt hebben.

Terwijl wij in het Patershol genoten van vele pilsjes is 't Begin van 't Einde, de enige bruine kroeg van de Vlasmarkt, uitgebrand. Vaarwel schone lampedeirkes op den toog, vaarwel levensgevaarlijke houten wenteltrap, vaarwel gezellige donkerte. En het ergste is: er op nog geen kilometer van hebben gestaan met fotocamera en al en niets gemerkt hebben.

Dé Man van Melle

augustus 7, 2009

“De slechtste mens die ik in mijn leven al ben tegengekomen.”

“Die man geef ik nooit nog een hand.”

“Als hij nu nog enig journalistiek talent had…”

Mijn betreurde ex-collega’s van De Morgen alsook journalisten die met de heer Bart Van Doorne hebben samengewerkt toen hij nog bij vtm zat, waren de afgelopen maanden niet mals voor de huidige hoofdredacteur van mijn ex-krant.

Sinds vandaag weten we dat zij véél te fel oordeelden over de man. De heer Van Doorne is niet minder dan een held. Alleen heeft hij zich van beroepssector vergist, en was hij dan toch beter brandweerman geworden in plaats van journalist.

Bart Van Doorne, ervaringsdeskundige

In één oogopslag ontleedt Bart Van Doorne, hoofdredacteur van De Morgen, de chemische samenstelling van een rookwolk.

Uit het relaas in De Morgen blijkt eens te meer dat Bart Van Doorne geen man van woorden maar van daden is.

Uit het relaas in De Morgen blijkt eens te meer dat Bart Van Doorne geen man van woorden maar van daden is. Een standbeeld zal zijn deel zijn.